Blackboard en auteursrecht: Binnenkort ook voorlichting bij uw faculteit!

Zet u als docent ook vaak de artikelen van de literatuurlijst voor uw vak als pdf in Blackboard? Waarschijnlijk weet u wel dat dit aan auteursrechtelijke regels is gebonden, maar welke zijn dat dan? Het alternatief is om een directe link naar de publicatie in de Digitale Bibliotheek te maken, maar hoe doe je dat?
De Stichting PRO heeft controles aangekondigd, en daarom zijn de Universitaire Bibliotheken gestart met een reeks voorlichtingsbijeenkomsten bij de faculteiten, waarin een en ander uit de doeken wordt gedaan.

Voor alle teksten, afbeeldingen etc. die u ten behoeve van uw onderwijs verspreidt, moeten auteursrechten worden afgedragen. Dit geldt voor gedrukte readers, maar ook voor materiaal in Blackboard (in feite een digitale reader). Bij gedrukte readers worden deze afdracht en de bijbehorende formaliteiten voor een groot deel door de facultaire servicedesks afgehandeld, maar bij digitale readers zijn de servicedesks niet betrokken en moet u hier dus zelf voor zorgen. Met linken wordt deze hele rompslomp vermeden, omdat dit in feite alleen een verwijzing is naar de publicatie. Linken is dus altijd toegestaan (als de publicatie tenminste niet illegaal op internet staat), maar niet naar iedere digitale publicatie kàn een goede link worden gemaakt.

De Stichting PRO, die dient als loket voor de inning van auteursrechten in het onderwijs, controleert actief of alle readers voldoen aan de regels zoals opgesteld in de zogenaamde ‘Readerovereenkomst’ met de universiteiten. PRO heeft de afgelopen tijd met diverse faculteiten van de UL contact opgenomen over aanstaande controles, en men richt de blik met name op Blackboard. Omdat de regels en procedures omtrent digitale readers lange tijd onduidelijk waren probeert de Universiteit de daadwerkelijke controles uit te stellen tot het nieuwe studiejaar, zodat er eerst intern maatregelen kunnen worden ondernomen.

De Universitaire Bibliotheken Leiden zijn in overleg met de faculteiten een project gestart en hebben inmiddels het volgende gerealiseerd:

  • Er is een website voor docenten gemaakt met o.a. vuistregels omtrent auteursrecht in het onderwijs.
  • Er is een tooltje ontwikkeld waarmee u directe links naar publicaties uit de Digitale Bibliotheek kunt maken. Zo zijn deze altijd rechtmatig toegankelijk voor ULCN-gebruikers.
  • Er is gestart met een reeks voorlichtingsbijeenkomsten. De pilot is gehouden bij de Faculteit Sociale Wetenschappen, de andere faculteiten volgen in mei/juni.

Met deze middelen bij de hand is het de bedoeling dat in het nieuwe studiejaar alle Blackboard cursussen aan de regels voldoen. Er is dus werk aan de winkel!

Wilt u exact weten wat er mag en niet mag, hoe de procedures lopen en hoe u een goede link kunt maken? Of heeft u wellicht vragen op dit gebied? Kom dan naar de voorlichtingsbijeenkomst bij uw faculteit. De data worden binnenkort bekend gemaakt.

De vaste aanspreekpunten m.b.t. auteursrecht in Blackboard zijn:

MedischOnderwijs.nl Symposium 17 juni 2010

MedischOnderwijs.nl Symposium 17 juni 2010

E-Learning wordt een steeds belangrijker onderdeel van de curricula in de verschillende medische en paramedische opleidingen. Het MedischOnderwijs.nl symposium laat u kennis maken met de vele mogelijkheden van E-learning binnen het medisch onderwijs, zoals interactieve modules, simulaties, games en het E-portfolio. De website MedischOnderwijs.nl biedt een omvangrijke collectie van online E-learning modules (meer dan 1200) die u kunt gebruiken in uw eigen onderwijssetting.

Bent u werkzaam in een (para)medische opleiding (MBO, HBO, Academisch of Postdoctoraal), dan mag u dit symposium niet missen!

Het 2e MedischOnderwijs.nl symposium wordt georganiseerd door de werkgroep E-learning van de NVMO en vindt plaats op donderdag 17 juni 2010 in het onderwijsgebouw van het LUMC te Leiden.

Programma: Bekijk hier het complete programma en de overige informatie over het symposium.

Kosten: De kosten voor dit symposium bedragen € 50,- voor NVMO leden en € 75,- voor overige participanten.
U kunt zich vanaf heden online aanmelden.

Advanced Life Support (ALS) training voor het reanimatieteam en high-care afdelingen van het LUMC

In 2009 is gestart met het opzetten van Advanced Life Support (ALS) trainingen voor leden van het interdisciplinaire reanimatieteam van het LUMC. Het streven is om onderwijsmateriaal te ontwikkelen dat ook bruikbaar is voor het personeel op de high-care afdelingen (Intensive Care, Centrum Eerste Hulp en Anaesthesie).

Voor het effect en de doelmatigheid van praktische training is een uniforme beginsituatie op theoriegebied gewenst. Er is daarom gezocht naar een adequate, effectieve en tijd- en kostenbesparende oplossing voor de theoretische scholing. De keus is gemaakt deze in de vorm een zestal interactieve E-learning modules over ALS aan te bieden.

E-learning heeft als voordeel dat iedere deelnemer op zijn eigen tijdstip, in eigen tempo, zelf kan kiezen welke onderwerp hij/zij volgt. Deelnemers worden geacht alle vereiste E-learning modules met een voldoende te hebben afgesloten, voordat zij kunnen deelnemen aan de praktische training. Deelname aan en prestaties binnen de E-learning wordt automatisch geregistreerd en bewijs hiervan kan door de deelnemer zelf worden geprint en ook door de docenten van de praktische cursus online worden geraadpleegd.

Het jaarlijks herhalen van de theorie kan de deelnemer zelf plannen.

De E-learning modules over ALS zijn in het voorjaar van 2010 ontwikkeld door divisie I en komen in mei 2010 op MedischOnderwijs.nl algemeen beschikbaar.

Onze Leidse studenten in de wolken met Google Apps?

Dat ICT-toepassingen een nuttige bijdrage kunnen leveren aan belangrijke strategische doelen, zoals vergroting van studiesucces en het aantrekken van meer nationale en internationale studenten, vermoeden en weten we al langer. Diverse vormen van (modern) onderwijs vragen om online samenwerkingsomgevingen voor de studenten en diverse rapporten leren ons dat studenten tijdens hun studie verwachten gebruik te kunnen maken van dezelfde voorzieningen die zij daarbuiten ook gebruiken. In Leiden faciliteren we eigenlijk zo’n platform nog niet echt: Blackboard als digitale leeromgeving levert vooralsnog niet voldoende open samenwerkingsmogelijkheden voor de studenten. Maar ja, wat is een reële optie in een tijd dat we met zijn allen moeten bezuiningen?

Persbericht, 11 februari 2010: SURF, de ICT-samenwerkingsorganisatie voor hoger onderwijs en onderzoek, heeft een driejarige overeenkomst met Google gesloten. Het betreft de onderwijseditie van Google Apps. Nadat eerder de Open Universiteit en Universiteit Utrecht afspraken maakten met Google, is deze online samenwerkingsomgeving nu beschikbaar voor het gehele Nederlandse hoger onderwijs en onderzoek.

Dat biedt dus kansen om nu snel na te gaan denken over of- en hoe we Google Apps for Education kunnen gaan inzetten voor ons Leidse onderwijs. De kosten kunnen geen drempel zijn, het is immers gratis. Zelf werk ik nu inmiddels 2 jaar met zo’n omgeving en ben daar erg enthousiast over. Een dergelijke omgeving past ook heel goed in de trend van organisaties om applicaties op internet te laten draaien en niet meer per definitie op eigen servers van de eigen ICT-afdeling. We hebben het dan over cloudcomputing.
Google Apps, zal, indien Leiden besluit hierop over te gaan, een online omgeving bieden met, na inloggen met het ULCN account, de volgende functionaliteiten (zonder reclame-uitingen;-). Het enige wat je nodigt hebt is een webbrowser:

  • Gmail: om te mailen (inclusief chat/videochat), in plaats van Umail?
  • Google Docs: Realtime aan onlinedocumenten samenwerken (afhankelijk van gekozen afscherming voor die documenten) zonder gedoe met versieproblemen. Nog nooit kwamen Apple- en Windows gebruikers zo dicht bij elkaar in de samenwerking. Kinderlijk eenvoudig online formulieren en andere documenten maken en publiceren.
  • Google Calendar: Lesroosters en persoonlijke agenda’s kunnen uitstekend gecombineerd worden en/of bijvoorbeeld geintegreerd in Blackboardcourses (zie afbeelding onderaan)
  • Google Sites: In een paar tellen een online omgeving op basis van rijke verzamelijk templates klaarzetten: voor jezelf (bijv. Portfolio) of voor samenwerking.
  • Google Groups: Heel eenvoudig om zelf een Forum/discussie-omgeving op te tuigen. Groups kun je ook gebruiken om op efficiënte wijze groepen mensen toegang te geven tot jouw online documenten, sites, video’s etc.
  • Google Video: plek om video’s online beschikbaar te maken, bijvoorbeeld afgeschermd
  • Portal/startpagina: met banner van Universiteit, waarop student bovenstaande zaken eenvoudig kan benaderen en zelf middels webparts die portal persoonlijk kan maken
  • Google Mobile: De iPhone heeft bijvoorbeeld een App waarmee je toegang krijgt tot je eigen- of tot je federatieve Google Apps omgeving. Zie afbeelding.

Uiteraard beweegt ook Microsoft zich in de educatieve cloud maar lijkt zich strategisch meer te richten op het Voortgezet Onderwijs met Microsoft Live@Edu. Binnen dat platform vind je de functionaliteiten van

  • Sky Drive
  • Windows Live Messenger
  • Office Live Workspace
  • Outlook Live (zeg maar webmail)
  • Windows Live Spaces

Wat mij betreft is het moment aangebroken een Leids ICT&O project te gaan starten waarin alle geledingen vertegenwoordigd zijn en waarin we beide omgevingen langs een meetlat leggen en op basis van de bevindingen gaan bepalen of we onze studenten een online samenwerkingsomgeving gaan aanbieden en zo ja, welke. Uiteraard zullen naast de gebruikersaspecten ook de beheersaspecten bijzonder belangrijk zijn en zullen zaken als security, privacy, policy, strategy (zoals cloudcomputing) zwaar meewegen. En dat dan allemaal ten dienste van studiesucces en studentenaantallen.

Mocht er binnen jouw kring behoefte zijn voor en demonstratie/presentatie over Google Apps dan kun je mij daar zeker voor benaderen.

Tenslotte nog vier links (hoewel je “Googlend” ook bijzonder interessante informatie zult vinden)

Ben benieuwd naar reacties!