Toets, toetste, getoetst – Toetsen bij AGN

Voorgeschiedenis
AGN is een propedeusevak van de opleiding Geschiedenis.
Het vak behandelt de niet-Nederlandse geschiedenis vanaf de Renaissance tot het begin van de negentiende eeuw. Het bestaat uit een hoorcollege en een werkcollege per week gedurende een semester. Tijdens het hoorcollege wordt vooral aandacht geschonken aan de historiografische achtergronden en discussies. Het handboek en de reader worden behandeld tijdens het werkcollege. De tentamenstof bestaat uit de hoorcollegestof, Mckays handboek A history of Western Society en een reader.

Hier ligt een knelpunt. De studenten beheersen de stof niet goed, omdat zij moeite hebben met het handboek. Het is het eerste Engelstalige handboek dat de studenten tijdens hun studie moeten bestuderen. Daarbij komt dat de studenten per week ‘veel’ stof moeten verwerken. Het gevolg is dat zij vaak ‘passief’ de tekst lezen, daardoor moeite hebben het scheiden van hoofd- en bijzaken en dus slecht voorbereid deelnemen aan het werkcollege. Ter verbetering hiervan is het project Toetsen AGN ontwikkeld.  

Doel project
Het doel van het project Toetsen AGN was toetsen te ontwikkelen die de studenten wekelijks moeten maken, zodat zij actiever de stof bestuderen en deze daardoor beter beheersen. Dit zou tevens daartoe moeten leiden dat de uitleg over het handboek tijdens het werkcollege efficiënter kan en de discussies in het werkcollege op een hoger niveau gebracht kunnen worden. Het uiteindelijke doel is het verhogen van het tentamenrendement.
Een nevendoel van het project is het systematisch ontwerpen van een toetsplan en het construeren van de toetsitems.  

Studentenevaluatie 

Algemeen 

  • De toetsvragen werden qua niveau door de studenten als ‘precies goed’ ervaren.
  • De verhouding tussen de verschillende typen vragen per toets werd goed bevonden.
  • De studenten hebben gemiddeld een drie (op een vijf punts-schaal) gegeven op de vragen:
    • ‘De vragen in Blackboard hebben mij geholpen bij het voorbereiden van het werkcollege’
    • ‘Het was prettig dat de docent terugkwam op vragen uit de toets’
  • Het aantal dagen dat de student een toets kon maken werd ruim voldoende bevonden. 

Positieve punten 

  • Toetsen dwingt de studenten om het werkcollege voor te bereiden
  • Handig om te kijken of je de tekst begrepen hebt’  

Verbeterpunten 

  • Toegang van de toetsen (hoe lang en wanneer een toetst openstaat).
  • De vragen werden één voor één getoond, waardoor de studenten veel moesten klikken.
  • Sommige vragen verwezen naar een oudere druk van het boek, waren te makkelijk of het antwoord kon op internet gevonden worden. strong>

Gekozen instellingen
Voor de docent bestaat er voor elke werkgroep een aparte blackboardcursus

  • Binnen deze cursussen staan dezelfde toetsen met dezelfde toetsvragen
  • Deze toetsen bevatten meerkeuze-vragen– De meerkeuze-vragen worden in willekeurige volgorde getoond (randomized)
  • De vragen mogen meerdere keren worden beantwoord (multiple attempt)– De vragen dienen binnen een bepaald tijdsbestek te worden beantwoord– De docent bepaalt de begin- en eindtijd van de toets
  • De score van de student wordt automatisch in Blackboard bijgehouden– De docent kan de prestaties van studenten in Blackboard bekijken– De toets moet met een voldoende worden afgesloten
  • Het beheren van de vragen valt onder de verantwoordelijkheid van de docent
  • Bij technische vragen kunnen docenten en studenten terecht bij de Blackboard Helpdesk  

Aanpak 

1. Toetsmartijs 
Voordat met de ontwikkeling van de toetsen kan worden begonnen, is het nuttig een toetsmatrijs op te stellen. Deze toetsmatrijs bevat de volgende punten:

  • leerdoelen
  • type toetsvragen
  • hoeveelheid toetsvragen
  • niveau van de toetsvragen

Wanneer het leerdoel namelijk ‘feitenkennis’ heet, zijn er hoogstwaarschijnlijk andere soort vragen gewenst, dan wanneer er inzicht verlangd wordt. Door het opstellen van een toetmatrijs worden deze twee elementen op elkaar afgestemd.

2. Opstellen van de vragen

De docent maakt op basis van de toetsmatrijs de vragen. Hierbij adviseert het ICLON, het Interfacultair Centrum voor Lerarenopleiding, Onderwijsontwikkeling en Nascholing, alsmede zijn collega-docenten. 

3. Verwerking Feedback

Het ICLON en collega-docenten hebben feedback gegeven op de opgestelde toets. Dit kan worden verwerkt in de toets.

4. Bepalen van de vorm van de toets

Het bepalen van de vorm van de toets is met name belangrijk wanneer je achteraf niet met al te veel werk geconfronteerd wilt worden. Er wordt namelijk eerst één toets gemaakt, die vervolgens naar de verschillende blackboardcursussen gekopieerd wordt. Het gevolg van een fout(je) in de eerste toets betekent het handmatig aanpassen van de gekopieerde toetsen – een tijdrovende klus.De vorm van de toets houdt in dat over de volgende punten moet worden nagedacht: 

  • eenmalig of meerdere keren beantwoorden van de vragen
  • willekeurige volgorde van tonen van de vragen
  • het al dan niet invoegen van feedback
  • het instellen van de tijdlimiet
  • het bepalen van de scores per vraag
  • het tonen van één of meerdere vragen op één pagina

Alle toetsopties zijn terug te vinden in Bijlage A.

5. Plaatsen van de toets in Blackboard

Nadat de vorm is vastgesteld, kunnen de vragen in Blackboard worden geïmporteerd.

 

6. Controle
De toets moet voordat hij gekopieerd wordt nog eenmaal worden gecontroleerd. 

7. Kopiëren van de toets
De laatste stap is het kopiëren van de toets naar de verschillende Blackboardcursussen. Hierna kunnen zij worden afgenomen. 

8. Instructie docenten

Docenten krijgen voorafgaand aan het semester een instructie van de Blackboard Helpdesk.

 

Bijdrage: Marjana Rhebergen

 

‘Maar in de podcasts werd toch…?’

Interview met mr. P.C. (Paul) Adriaanse, universitair docent Staats- en Bestuursrecht bij de Faculteit der Rechtsgeleerdheid.

Paul AdriaanseAdriaanse is coördinator en docent van het verplichte tweedejaars vak “Staats- en Bestuursrecht”. In tien weken tijd wordt in wekelijkse hoorcolleges en werkgroepen een breed aanbod van onderwerpen behandeld. Zo worden de grondslagen van het staats- en bestuursrecht behandeld maar ook meer praktische vraagstukken over de relatie tussen overheid en burger. Bij het hoorcollege wordt ingegaan op actuele ontwikkelingen gerelateerd aan de studiestof. Tijdens de werkgroepen staat meer de praktische toepassing van de stof centraal door middel van opgaven en casusopdrachten. “Daarnaast blijft een deel van de studiestof over dat we niet kunnen behandelen in de colleges. Die stof zullen studenten door middel van zelfstudie zich eigen moeten maken.” aldus Adriaanse. Daarbij wordt onder meer digitale ondersteuning geboden in de vorm van meerkeuzetoetsen. Ook wordt in het vak Staats- en bestuursrecht actief gebruik gemaakt van beeld- en geluidsfragmenten, video-opnames van de hoorcolleges en podcasts. Continue reading

Met podcasts studenten meer betrekken bij het vak.

Castermans

Podcast

Interview met prof. mr. A.G. Castermans (Alex Geert), hoogleraar Burgerlijk Recht

Castermans is nu bijna een jaar verbonden aan de rechtenfaculteit. In het najaar had hij tweedejaars studenten in de collegezaal. Dit voorjaar gaf hij colleges Inleiding Burgerlijk Recht. Dit is een propedeusevak dat gevolgd wordt door circa 800 rechtenstudenten.

Continue reading

Alleen door streaming video was het mogelijk 900 interviews op te nemen.

cleiren.jpg Interview met Marc Cleiren, docent Psychologie en Arjen van Berkel, student-assistent

Marc Cleiren is samen met Erica Bohnen coördinator van het vak Interpersoonlijke Beroepsvaardigheden (IBV), een verplicht vak voor tweedejaars psychologiestudenten. Arjen van Berkel heeft als student-assistent technische ondersteuning verleend bij het vak. Doel van het vak is het aanleren van verschillende beroepsvaardigheden,  waaronder gesprekstechnieken. Om deze vaardigheden aan te leren, moeten deze worden geoefend. Hoe realiseer je voldoende oefenmogelijkheden als het vak door 300 studenten wordt gevolgd? Cleiren en van Berkel vertellen anderhalf uur enthousiast over de oplossing: streaming video. 

Continue reading

“Een tweede indruk is eerlijker dan een eerste” Video als hulpmiddel bij reflecteren

Interview met de docenten  Maczka en Bexten, Duits 

Birgit

IwonaTijdens dit semester loopt bij het vak “Inleiding Germanistische Wetenschapsgebieden I” (Opleiding Duits) een grassroot project waarbij de docenten de presentaties van studenten op video hebben opgenomen. Doel van het grassroot project is het stimuleren van het reflectieproces. Door video als reflectiemiddel te gebruiken krijgen studenten een beter beeld van hun eigen kunnen en leren studenten beter na te denken over hun leerproces.

Continue reading

“Een wiki toont het samenwerkingsproces bij schrijfopdrachten”

Gerhard Jan NautaInterview met docent Gerhard Jan Nauta, Kunstgeschiedenis
Gerhard Jan Nauta, docent Kunstgeschiedenis, heeft het afgelopen semester voor het eerst een wiki gebruikt in het onderwijs. Een wiki is een website waarop iedereen pagina’s kan toevoegen en aanpassen. De pagina’s kunnen teksten, maar ook stilstaande en bewegende beelden en geluid bevatten. Van alle aanpassingen wordt een geschiedenis bijgehouden. Oude versies kunnen bekeken en eventueel teruggezet worden.

Continue reading